Documenten intern

Samengesteld op basis van mondelinge informatie van drs E. de Jong, drs. R. Bot, van archiefstukken van het Economencollege, verzameld door dhr F. Smit, secretaris Economencollege en van het archief van mr F. van Spaendonck, oud juridisch secretaris R.-K. Kerkgenootschap.

 1917 Oprichting van de R.K. Dirigenten- en Organisten Vereniging (KDOV) in 1917, die zich o.m. ten doel stelde een adequate honorering voor de kerkmusicus te bereiken.
 1928Vaststelling van een passend honorarium voor dirigenten en organisten door het Nederlands Episcopaat bij gelegenheid van het verschijnen van Divini Cultus.
 1948Richtlijnen voor minimum-salariëring van dirigenten en organisten door het Nederlands Episcopaat.
 1962Het Nederlands Episcopaat aanvaardt de Richtlijnen voor minimumsalariëring van dirigenten en organisten, samengesteld door het bestuur van de KDOV. De honorering betrof de vakmusici en werd afhankelijk gesteld van de financiële draagkracht van de parochie (categorie I, II en III) en van de zwaarte van de werkkring (a, b en c). Er golden bedragen voor de dirigent en organist afzonderlijk en voor de combinatie organist/dirigent. De Richtlijnen voorzagen in een pensioen bij het Pensioenfonds voor Kerkelijke en Maatschappelijke Instellingen. De niet-vakmusici (die toen ook al het grootste deel van de kerkmusici uitmaakten) waren voor wat de vergoeding voor geleverde prestaties betreft, afhankelijk van de verschillende kerkbesturen.
 1964Verhoging van de bedragen van de Richtlijnen 1962 met 10 %.
1966Rapport van de Commissie Salariëring (Commissie Litjens) die van de NSGV de opdracht had om een salarisregeling te ontwerpen voor niet-beroepsmusici in functie van onze kerken. Deze commissie vond het onjuist het salaris van de vakmusici afhankelijk te stellen van de financiële draagkracht van de parochie. Haar voorstel omvatte om die reden een salarisregeling voor zowel de vakmusici als de niet-vakmusici. Zij ging uit van een arbeidsovereenkomst en introduceerde drie criteria voor het bepalen van het salaris:
a. de mate van bekwaamheid
b. het aantal diensten
c. het aantal dienstjaren
De opleiding van de vakmusici werd gelijkgesteld met de opleiding tot docent VHMO en werd dientengevolge aan de daar geldende salariëring gekoppeld. Er werden categorieën van vakbekwaamheid onderscheiden I tm V, waarvan categorie V uit niet-vakmusici bestond. De honorering liep daarmee parallel:
categorie I 100%; categorie II 85 %; categorie III 75 %; categorie IV 65 % en categorie V 40 % van het VHMO-salaris.
De commissie introduceerde een Taakomschrijvingstabel ter berekening van een gemiddeld aantal "diensten" (niet uren) van de kerkmusicus. Zij introduceerde tevens vijf dienstjarencategorieën met elk een hogere trede in de loonschaal.
Het Economencollege zag als bezwaren in het voorstel van de Commissie de koppeling aan de VHMO-salariëring en de dienstjarencategorieën. Het zag liever een vergelijking met de vrije beroepen zoals artsen, advocaten e.a.: een bedrag per dienst, gedifferentieerd naar de eisen die aan de werkzaamheden worden gesteld en de bekwaamheid van de musicus. Van een arbeidsovereenkomst wordt niet meer gesproken, evenmin van een pensioenvoorziening. Voorgesteld werd een bedrag van f 10,- per dienst voor een musicus van categorie I. De Commissie Salariëring ging hiermee uiteindelijk akkoord, echter niet van harte.
 1967Nieuwe richtlijnen voor de honorering van dirigenten en organisten vastgesteld door het Nederlands Episcopaat. Het voorstel van het Economencollege werd gevolgd. Het honorarium was afhankelijk van:
1. de vakbekwaamheid
2. het aantal diensten
Er worden vijf categorieën onderscheiden m.b.t. de vakbekwaamheid.
Het tarief voor de kerkmusicus van niveau I bedroeg f. 12,- per dienst. Dit bedrag per dienst kwam overeen met de salariëring volgens het voorstel van de Commissie Litjens, zij het dat de dienstjarencategorie 0-5 jaar overgenomen werd zonder verdere dienstjarencategorieën.
 1977In de hierop volgende jaren werkten de NSGV, KDOV, KNTV, NRL en de juridisch secretaris van het R.-K. Kerkgenootschap aan een beleidsnota kerkmusicus in combinatie met een daarop afgestemde rechtspositieregeling.
 1988Uitgave van de "Beleidsnota Kerkmusicus" in de reeks Regelingen R.-K. Kerkgenootschap (nr 4). Alleen voor de kerkmusici van de Bevoegdheidsniveaus I, II en III met een dienstverband van tenminste 2,6 uur per week geldt het Rechtspositiereglement als onderdeel van hun arbeidsovereenkomst. Het is niet van toepassing op degenen die niet onder
de categorieën I t/m III vallen en die worden onderscheiden in weer afzonderlijke groepen A en B.
 1992Pensioenopbouwmogelijkheid voor kerkmusici d.m.v. een contract van het R.- K. Kerkgenootschap met Centraal Beheer Pensioenverzekering NV te Apeldoorn. Een afzonderlijke voorziening was noodzakelijk omdat kleinere dienstverbanden dan 20 uur per week niet bij het pensioenfonds PGGM konden worden ondergebracht.
 2000Herziene druk van het Rechtspositiereglement kerkmusici. Voornaamste wijziging was dat het Rechtspositiereglement onderdeel vormt van de arbeidsovereenkomst van de kerkmusici van de niveaus I t/m III, ongeacht het aantal uren per week. Het bisdom Roermond handhaaft om die reden het Rechtspositiereglement van 1988.
De salarisbedragen worden jaarlijks aangepast via een eigen indexering van de Kerkprovincie, de zgn. gemengde index.

8 mei 2003
mr Th.R. Kalb

4 december 2003 - Spiritus et Sponsa
Apostolische Brief van Paus Johannes Paulus II bij de veertigste verjaardag van de Constitutie Sacrosanctum Concilium, over de heilige Liturgie 

28 maart 2001 - Liturgiam Authenticam
Curiedocument - Het gebruik van de volkstaal in de uitgaven van de Romeinse Liturgie. Vijfde instructie "betreffende de juiste uitvoering van de Constitutie over de Liturgie van het Tweede Vaticaans Concilie" (bij art. 36)

5 november 1987 - Concerten in Kerkgebouwen
Curiedocument

5 maart 1967 - Musicam Sacram
Instructie - Over de muziek in de Heilige Liturgie

4 dec 1963 - Sacrosanctum Concilium
Constitutie 2e Vaticaans Concilie -  Over de Heilige Liturgie

22 november 1963 - Nobile Subsidium Liturgiae
Chirograaf van Paus Paulus VI - Canonieke oprichting van een internationale vereniging voor de gewijde muziek

8 december 1961- Iucunda Laudatio
Apostolische Brief van Z. Paus Johannes XXIII over de Pauselijke Kerkmuziekschool

20 november 1947 - Mediator Dei et Hominum
Encycliek van Paus Pius XII - Over de Heilige Liturgie

20 december 1928 - Divini Cultus Sanctitatem
Apostolische Constitutie van Paus Pius XI over het gestadig meer bevorderen van de liturgie, de gregoriaanse zang en de gewijde muziek

20 november 1903 - Tra le Sollicitudini - Inter Sollicitudines
Instructie over de gewijde muziek (H. Paus Pius X - Motu Proprio) 

6 maart 2012 - Liturgisch Vademecum Bisdom Den Bosch

"Uitvoering en beleid kerkmuziek r.-k. parochies"
KASKI Rapport nr. 558
augustus 2007
drs. J. Kregting

"Onderzoek onder kerkmusici en kerkmuzikale praktijken in de Protestantse Kerk in Nederland"
KASKI Rapport nr. 564
oktober 2007
drs. J. Kregting   documents/KASKI_rapport_564KerkmusiciPKN.pdf

"De vraag naar kerkmusici - Situatieschets en behoeftenpeiling betreffende kerkmusici in gemeenten van de Samen op Weg-kerken en rooms-katholieke parochies"
KASKI Rapport nr. 473
februari 2000
Mw. dr. M.P. Veerman & Mw. dr. J.M. Sanders

Dat zingen een positief effect heeft op de gezondheid is wetenschappelijk onderzocht. De resultaten worden beschreven in bijgaand artikel:
Effects of Choir Singing or Listening on Secretory Immunoglobulin A, Cortisol, and Emotional State

Muziek maken is leuk en bovendien hebben Wetenschappelijke onderzoeken bewezen dat het een zeer positieve invloed heeft op de intelligentie en de sociale vaardigheden van kinderen. Door zelf muziek te maken wordt het intelligentiequotiënt van kinderen verhoogd en vooral het abstractievermogen en het analytisch denken sterk verbeterd. Het gezamenlijk musiceren versterkt daarbij het groepsgevoel en de discipline, evenals de sociale en emotionele vaardigheden. Bovendien leidt dit tot een positiever zelfbeeld. Muziekmaaktslim

Nota: "Een toekomst voor het gregoriaans", NSGV in het Bisdom Roermond, januari 2007

Een voorbeeld van een Kerkmuzikaal Beleidsplan uit de PKN.

De Digitale Verenigingsscan of Verenigingsscan in PDF van KunstFactor is een programma weaarmee u uw vereniging kunt doorlichten, stelt per thema een diagnose, die u inzicht geeft in de sterke en zwakke punten van uw organisatie. Daarnaast helpt de Verenigingsscan u om een duidelijke prioriteitenlijst op te stellen. De scan geeft praktische tips die u kunt gebruiken om verbeteringen in uw organisatie daadwerkelijk te realiseren.  

Registers Opmaat
U kunt de registers van het periodiek Opmaat van de NSGV Breda met veel artikelen over kerkmuziek.

Uitgebreide checklist voor de organisatie van evenementen (met dank aan Ruud Hoogenboom)

Beleidsnota Liturgie in het Bisdom Rotterdam "Hoe zijt Gij aanwezig", Bisdom Rotterdam, 2003

Brochure "Kiezen voor een kerkelijke uitvaart", Bisdom Den Bosch, 2003

Teksten van RK liederen.

Teksten van de gezangen uit het Liedboek der Kerken.

Teksten van gregoriaanse gezangen incl. proprium.

Gregoriaans:

Begeleidingen gregoriaans:

Gregorian Chant Accompaniments (PDF)

St. Lalande

Julius Bas

Prognose aantal benodigde profs KM in 2020

ISOK, januari 2010

Archief KDOV 1917-1992

Archief Katholieke Bladen w.o. KDOV-blad

Impressie van de viering op 21 april 2007 te 's-Hertogenbosch
(De foto's zijn gemaakt door Arno Eliëns)

Om 10.30 uur begon de dag met een feestelijk Eucharistieviering
in de St.-Jan Kathedraal.

Celebrant was Dr Fons Kurris

De Schola Cantorum "Die Sangeren Onser Liever Vrouwen" onder leiding van Jeroen Felix zong de Missa S.Papae Pii decimi van in leven erelid Albert de Klerk.

Organist Maurice Pirenne speelde o.a. werken van onze drie ereleden Bernard Bartelink, Kees Bornewasser en Louis Toebosch.

St.Jan
St.Jan
St.Jan
 

 

 

Na de viering begaf iedereen zich naar het klooster Mariënburg aan de Sint Janssingel.

Na het versterken van de inwendige mens kon worden begonnen met de jaarvergadering.

Foto rechts: het bestuur achter de vergadertafel.

bestuur
vergadering
vergadering
 

 

 

Als derde onderdeel van de dag stond het symposium "Schoonheid, spiritualiteit en liturgie" op het programma.

Een drietal sprekers lieten hun licht schijnen over een aantal interessante onderwerpen.

symposium
symposium

Is schoonheid universeel ?

Deze vraag werd behandeld door Mgr.Dr. A. Kurris,
pastoor van de basiliek O.L.Vrouw Sterre der Zee in Maastricht.

Prof.dr. Anton Vernooij pr, emeritus bijzonder hoogleraar liturgische muziek aan de Universiteit van Tilburg hield een betoog:

"Over een nieuwe en eigentijdse esthetiek van liturgische muziek vandaag"

symposium

symposium
Siem Groot en Sibbe de Blaauw

Als laatste spreker kwam aan het woord prof.dr.Sibbe de Blaauw, hoogleraar vroegchristelijke kunst en architectuur aan de Radboud Universiteit Nijmengen .

Zijn betoog, voorzien van lichtbeelden, had als onderwerp:
"Schoonheid in historische perspectief"

Tot slot konden vragen worden gesteld en gediscusieerd o.l.v. Siem Groot, stafmedewerker RK-kerkmuziek bij Kunstfactor-Unisono.

KKOR-Inventarisatie Orgels in Nederland in RK kerken

download van: http://www.bisdomdenbosch.nl/common/streamfile.aspx?documentid=2858

of evt. op onze website: KKOR