1          Tenzij ernstige belangen van de te verrichten werkzaamheden zich daartegen verzetten, wordt in verband met bijzondere omstandigheden aan de werknemer buitengewoon verlof met behoud van salaris verleend.

2          Onverkort hetgeen ter zake wordt bepaald in 7:629, lid 4 BW bedraagt het buitengewoon verlof op de betreffende kalenderdag:

a          bij ondertrouw van de werknemer: één dag;

b          bij huwelijk (burgerlijk en/of kerkelijk tezamen) van de werknemer: in totaal vier dagen;

c          bij huwelijk van bloed- en aanverwanten in de eerste en de tweede graad: één dag;

d          bij bevalling van echtgenote van de werknemer: twee dagen;

e          bij overlijden:

1          van de echtgeno(o)t(e) of inwonende eigen, stief-/ pleegkinderen en inwonende kleinkinderen of inwonende (schoon-)ouder: van de dag van overlijden tot en met de dag van de begrafenis of crematie;

2          van eigen, stief-/pleegouders, schoonouders of niet inwonende eigen, stief-/pleegkinderen en niet inwonende kleinkinderen: twee dagen;

3          van eigen, stief-/pleegbroers, -zusters, grootouders, zwagers of schoonzusters: één dag.

f           indien de werknemer is belast met de regeling van de begrafenis of crematie van de onder e sub 2 en 3 genoemde bloed- en aanverwanten: vier dagen;

g          afgezien van het bepaalde onder e: voor het bijwonen van de begrafenis van personen bedoeld onder e sub 2 en 3: één dag;

h          ingeval van overlijden in het buitenland zal de duur van het verlof in overleg met de werknemer door de werkgever worden vastgesteld;

i                       bij 25- en 40-jarig huwelijksjubileum van de werknemer en bij 25-, 40-, 50- en 60-jarig huwelijksjubileum van eigen, stief-/pleegouders of schoonouders: één dag;

j                       bij 12 1/2-jarig dienstjubileum: één dag;

k                      bij 25- en 40-jarig dienstjubileum van de werknemer: twee dagen;

l                       bij verhuizing van de werknemer, die op het moment van de verhuizing een eigen huishouding voert: twee dagen per kalenderjaar;

m         voor het bijwonen van de priesterwijding of eeuwige professie van bloed- en aanverwanten in de eerste en tweede graad: één dag;

n          indien de werknemer lid is van of afgevaardigde naar een landelijk of regionaal bestuursorgaan van één der erkende werknemersorganisaties voor het bijwonen van vergaderingen van dat orgaan - ten hoogste zes dagen per jaar;

o          indien de werknemer lid is van een erkende werknemersorganisatie voor het bijwonen van de door die werknemersorganisatie georganiseerde vormings- en opleidingsdagen - ten hoogste twee dagen per jaar.

3          In de volgende gevallen zal de duur van het verlof van geval tot geval, in overleg met de werknemer, door de werkgever worden vastgesteld:

a          bij ernstige ziekte van de echtgenoot of echtgenote van de werknemer, van zijn inwonende eigen, stief-/ pleegkinderen of van eigen, stief-/pleegouders of schoonouders;

b          voor het bijwonen van vergaderingen en zittingen van bestuurs- en adviescommissies en colleges ten behoeve van het eigen functioneren en voor het verrichten van daaruit voortvloeiende werkzaamheden ten behoeve van deze commissies en colleges, een en ander voorzover zulks niet in de vrije tijd kan geschieden;

c          tenzij de belangen van de te verrichten werkzaamheden zich daartegen verzetten, voor het bijwonen van vergaderingen en zittingen van publiekrechtelijke colleges, waarin de werknemer is benoemd of gekozen, en voor het verrichten van daaruit voortvloeiende werkzaamheden ten behoeve van deze colleges, een en ander voorzover zulks niet in vrije tijd kan geschieden;

d          in alle andere bijzondere omstandigheden, waarin de billijkheid van een verzoek om buitengewoon verlof door de werkgever is vastgesteld.

4          Indien de werknemer een vaste vergoeding ontvangt uit de functie, waarvoor hem in lid 3 sub c bedoelde verlof wordt verleend, wordt op zijn salaris een inhouding toegepast over de tijd, dat hij het verlof geniet. Deze inhouding gaat hetgeen hij geacht kan worden te ontvangen als vaste vergoeding voor de met het verlof overeenkomende tijd in de bedoelde functie niet te boven.

5          In bijzondere gevallen kunnen de werkgever en de werknemer buitengewoon verlof zonder salaris overeenkomen.